Uit een eerder participatief proces bleek dat de Brusselaars betrokken willen worden bij projecten in hun eigen buurt. Aan die wens komt het participatiehandvest duidelijk tegemoet. Een levende en participatieve democratie berust in de eerste plaats op duidelijke en volledige informatie, een rechtstreekse dialoog tussen burger en verkozenen, die actief luisteren. Op die manier is het een logische keuze, buurtbewoners beleven hun straat en wijk elke dag. Ze kennen als ervaringsdeskundigen de knelpunten en noden in hun onmiddellijke leefomgeving. Daarom wil Brussel ook nadrukkelijker  inzetten op meer burgerdialoog in de wijken als aanvulling op de bestaande meer formele overlegkanalen.

Wijkraden met eigen burgerbudgetten

Het handvest voorziet de opstart van wijkraden, deels samengesteld uit gelote burgers en deels uit vertegenwoordigers van lokale verenigingen en comités. Deze samenstelling moet mooi aansluiten bij de sociale dynamiek in de wijk. De oprichting van de acht wijkraden zal gefaseerd gebeuren tussen maart 2020 en 2024.

Opvallend is dat men hierbij sterk wil inzetten op loting van burgers, ook een duidelijke trend in andere gemeenten. Brussel wil burgers loten voor wijkraden, voor inspraak bij projecten... Dat is een actieve inspanning om tot een betere afspiegeling van de samenleving te komen: voldoende mannen en vrouwen, hoog- en laaggeschoolden, jongeren en ouderen. Zo’n representatieve aanpak kan absoluut een meerwaarde betekenen tegenover bijeenkomsten met toevallige – vaak dezelfde – aanwezigen: de participatie-elite.

Deze wijkraden krijgen ook behoorlijk ruime burgerbudgetten ter beschikking. Daarmee kunnen ze lokale burgerprojecten steunen en mee richting geven aan de prioritaire investeringen in hun directe leefomgeving. De eerste wijkraad in Neder-over-Heembeek zal alvast een miljoen euro ‘beheren’. Later zullen grotere en kleinere wijken ook middelen ontvangen in verhouding tot hun omvang.

Die participatieve budgetten hebben veel potentieel. Als de burgers zelf mogen kiezen waarin ze dat ‘eigen’ geld investeren, dan zeg je als overheid in feite: ‘Wij geven u échte inspraak in het beleid’. Dat soort participatieprocessen nodigt dan ook veel meer uit tot deelname en betrokkenheid, dan een zoveelste overleg over enkele punten en komma’s van een bijna volledig afgewerkt beleidsplan.

Initiatief en innovatie

Het handvest voorziet ook in een initiatiefrecht voor de burgers op de gemeenteraad. Dat moet Brusselaars toelaten  om inhoudelijke kwesties op de agenda van de gemeenteraad te plaatsen. Dit nieuwe initiatiefrecht gaat duidelijk verder dan de burgerinterpellaties die al bestaan in de 19 Brussels gemeenten. Vandaag kunnen burgers, mits 20 handtekeningen, een vraag stellen op de gemeenteraad. Het nieuwe burgerinitiatief vereist dan wel de steun van 2.000 inwoners, maar het heeft ook een veel groter politiek gewicht. De gemeenteraad moet immers binnen de 12 maanden debatteren en – belangrijk! – stemmen over deze kwestie. Voor de stemming kan de voorzitter van de gemeenteraad beslissen tot overleg om samen naar een oplossing te zoeken.

Ook bij grote stadsprojecten wil Brussel open staan voor discussie, participatie… Al vermeldt men hierbij natuurlijk wel duidelijk dat dit alles geen afbreuk mag doen aan de democratische legitimiteit van het College om de grote lijnen voor deze projecten zelf te bepalen. Al is dat niet helemaal onlogisch natuurlijk.

De stad wil hierbij vooral investeren in innovatieve overlegmethoden, zoals burgerpanels en gemengde commissies. Ook hier is Brussel van plan om een representatief staal van de bevolking te betrekken via loting.

De adviesraden worden  anders georganiseerd voor een sterkere adviesrol en meer representatieve samenstelling.

Wijkfacilitatoren

Wijkfacilitatoren zullen de burgers moeten ondersteunen en samenwerking stimuleren met spelers op het terrein om de burgerparticipatie en -innovatie aan te zwengelen. Zij zullen zich voornamelijk bezighouden met het verlichten van de administratieve lasten en het begeleiden van projecten in de ontwikkelingsfase, waarbij zij zich vooral zullen toespitsen op die mensen die minder vertrouwd zijn met de administratieve mallemolen.

Brussel wil uitgroeien tot een dynamische en duurzame stad. Daarom moet de stad een laboratorium worden waar politici, burgers, sociale bewegingen, wetenschappelijke instellingen en start-ups samen kunnen vorm geven aan die nieuwe stad. Om die innovatieve ideeën en projecten kansen te geven, lanceert de stad een jaarlijkse oproep om burgerinitiatieven te ondersteunen.

Digitale participatieplatformen

Naast deze opvallende acties zet het handvest nog in op digitale participatieplatformen, een toolbox met participatiemethodieken… Hoewel zo’n tekst op zich natuurlijk maar een papieren realiteit is, zien we in het Brusselse handvest toch enkele op zich positieve elementen: de terechte focus op brede, representatieve betrokkenheid via loting, de directe greep op het beleid via burgerbudgetten… En een handvest is op zich natuurlijk ook een belofte waar actieve burgers later kunnen naar terug verwijzen. Het belangrijkste aandachtspunt zal waarschijnlijk toch de openheid, transparantie en eerlijkheid zijn waarmee het stadsbestuur deze burgerparticipatie in de praktijk zal aanpakken; kwestie van valse verwachtingen te vermijden.  Want het vertrouwen in dit soort processen komt vaak te voet en verdwijnt te paard… een behoorlijk snel paard ook in veel gevallen.

Meer info

https://www.brusselsamen.be/

Lees ook