Burger en middenveld

Groen wil inzetten op alle dimensies van de participatieladder: informeren, raadplegen en adviseren, maar ook co-design en coproductie: mee ontwerpen, mee beslissen en mee mogelijk maken. De partij pleit voor een ‘glazen democratie’. De basisvoorwaarde hiervoor is absolute openheid en transparantie. Internet en sociale media maken een nieuw soort democratie 2.0 mogelijk. “Via een goede digitale omgeving krijgt de burger vlot, onmiddellijk en gratis zoveel mogelijk rechtstreeks online toegang tot alle bestuursdocumenten en tussentijdse studies. Ook via niet-digitale weg moet informatie uiteraard vlot en toegankelijk zijn en blijven.”

Ook Open Vld ziet in dit digitale tijdperk een grote taak voor de overheid om de burger beter te betrekken bij de zoektocht naar oplossingen. “De sociale media en het internet hebben de burger  niet alleen veel mondiger gemaakt, het biedt hen ook een extra tool om zich beter te informeren”, zegt partijvoorzitter Gwendolyn Rutten. “Dit vermenigvuldigt de drang van burgers des te meer om hun stempel te drukken op de samenleving waarin ze leven.” Concreet wil de partij dit onder meer mogelijk maken door de kaart van Open Data te trekken. “Overheden bieden via die weg een platform dat mensen en ondernemingen zelf het initiatief laat om mee budgetkeuzes te maken bijvoorbeeld, of om applicaties te creëren met een toegevoegde dienstverlenende waarde”, aldus Rutten. Ze benadrukt hierbij de kracht van de individuele burger. 
Groen, Sp.a en CD&V benadrukken elk op hun eigen manier dat participatie niet enkel een zaak is van individuele burgers.  Het middenveld is voor alledrie de partijen een onmisbaar onderdeel van een gezond politiek bestel. 

“Het is nodig om verzuchtingen van burgers op de politieke agenda te zetten. Het draagt bij tot het uitwerken van oplossingen”, zegt Van Besien. “Democratie als georganiseerd meningsverschil gaat ook over debatten tussen politiek en middenveld. Het middenveld moet in alle vrijheid standpunten kunnen innemen, ook als die indruisen tegen het beleid. We verzetten ons daarom tegen de afschaffing van een groot aantal strategische adviesraden op Vlaams niveau. De overheid moet adviezen ernstig nemen, wat onder andere betekent: duidelijkheid scheppen over verwachtingen en besluitvormingsprocedures, ernstig nemen van motiveringsplicht, tijdig advies vragen (ook in de conceptfase), adviezen op strategische momenten deel laten uitmaken van het parlementaire debat,…“

Ook CD&V toont zich groot voorstander van een sterk en betrokken middenveld. “Voor ons is dit geen veredeld adviesorgaan”, zegt partijvoorzitter Wouter Beke. “Ik volg de stelling die Robert Putnam poneert: ‘Democratie wordt versterkt als er tussen burgers en overheid een levendig krachtig verenigingswezen staat.’ Een betrokken middenveld kan een tegenmacht zijn tegenover een soms te  dirigistisch overheidsoptreden en kan door mensen te verenigen hen sterker maken tegen de marktwerking. Ze helpen niet enkel het maatschappelijk debat te structureren maar zoeken ook naar antwoorden voor het algemeen belang.”

De Sp.a benadrukt dat burgers en verenigingen in alle maatschappelijke domeinen via overleg en informatierondes betrokken worden bij grote projecten. “We kennen specifiek bij de totstandkoming van het sociaal beleid ook een belangrijke rol toe aan vakbonden en mutualiteiten”, zegt partijvoorzitter Bruno Tobback; “De sociale middelen moeten in paritair beheer ingezet worden.

Nieuwe bewegingen in overlegmodel

Een visie die niet te rijmen valt met die van de N-VA. Hoewel ook deze laatste partij een uitgesproken belang hecht aan een breed middenveld, is er bij de N-VA voor vakbonden en mutualiteiten geen beslissingsmacht voorzien in de totstandkoming van het sociaal beleid. De partij is van mening dat de rol van vakbonden en mutualiteiten op een andere, modernere manier moeten worden ingevuld. “De sociale partners moeten als belangenorganisatie opnieuw de luis in de pels van het beleid worden: suggesties geven en het beleid bewaken. Ze mogen niet in de plaats treden van de overheid door het sociaal beleid ook zelf te bepalen en uit te voeren”, aldus De Wever. “Het kan niet dat de wetten en Koninklijke besluiten letterlijk geschreven worden door de organisaties die ze vervolgens ook in de praktijk aansturen en uitvoeren.”

Het middenveld ziet de partij op maatschappelijk niveau dan wel weer ruimer dan het geïnstitutionaliseerde kader. “We willen nieuwe sociale bewegingen in het overlegmodel meenemen. Niet alleen vakbonden, werkgeversorganisaties en ziekenfondsen, maar ook de vele Vlaamse jeugdbewegingen, de Gezinsbond en nieuwe sociale bewegingen zoals milieu- en consumentenverenigingen. Concreet willen we voor een hervorming van de kinderbijslag of van het stelsel van loopbaanonderbreking het gesprek aangaan met de Gezinsbond, bij het herdenken van de tarievenpolitiek van De Lijn ook de vereniging van trein-tram-busgebruikers betrekken, bij dierenwelzijn het gesprek aangaan met Gaia, en over de kernuitstap met de milieubewegingen,…”

Innovatieve participatie

De N-VA vindt dat er al heel wat instrumenten zijn die de participatie van burgers bevorderen: verzoekschriften, inspraakprocedures, een spreekuur voor of na de gemeenteraadszittingen zoals recent door de Kortrijkse raadsvoorzitter werd ingevoerd… Partijen en politici zijn mede door het digitale tijdperk erg toegankelijk, en dat is een goede zaak. 
Open Vld wil graag meer samenwerking met bedrijven en burgers. De partij uit zich dan ook voorstander om meer oefeningen zoals de G1000 te organiseren in de toekomst. Ook Groen ziet heil in dergelijke innoverende modellen. “We willen meer ruimte voorzien voor vormen van deliberatieve democratie. “Een groep burgers, liefst zo representatief mogelijk samengesteld, vormt op basis van overleg, debat en deskundige informatie een mening over één of meer belangrijke maatschappelijke thema’s. Buitenlandse voorbeelden tonen aan dat burgers perfect in staat zijn om op die manier tot verstandige en genuanceerde besluiten te komen, ook over ingewikkelde of gevoelige kwesties als ethische thema’s, institutionele problemen,..”

Zowel CD&V, SP.a als Groen tonen zich overtuigd voorstander van gewestelijke referenda. De zesde staatshervorming heeft de gewesten alvast de bevoegdheid gegeven adviserende volksraadplegingen op gewestelijk niveau mogelijk te maken. Op lokaal en provinciaal niveau was dit reeds mogelijk. Groen specifieert daarbij nog dat zij voorstander zijn van bindende referenda.

Lees ook