In 2011 vroeg Test-Aankoop inzage in de rapporten van ombudsdiensten in ziekenhuizen, volgens de verbruikersunie belangrijke informatie om de goede werking van de ziekenhuizen te bestuderen. De federale diensten van Volksgezondheid besloten enkel de algemene gegevens vrij te geven, maar niets over de klachten per ziekenhuis. De consumentenorganisatie pikte dit niet en ging naar de Raad van State. 

In februari 2012 krijgt Test-Aankoop het deksel op de neus na een drie jaar lange strijd om inzage te krijgen in rapporten over ziekenhuisinfecties in ziekenhuizen. Mensen sterven aan die besmetting en dus wilde de consumentenorganisatie weten hoe elk ziekenhuis omgaat met die bacterie. Meermaals vroeg ze de informatie op bij FOD Volksgezondheid, maar telkens kreeg ze het deksel op de neus. Een hitlijst zou volgens het Instituut geen correcte informatie opleveren en ze zou een contract van vertrouwelijkheid en anonimiteit breken met de ziekenhuizen. Ook in deze zaak ging Test-Aankoop naar de Raad van State. Die besloot echter dat de openbaarmaking van deze rapporten een gevaar kan betekenen voor de Volksgezondheid.

Kaderen deze negatieve adviezen werkelijk binnen het “belang van de volksgezondheid”? Of schort er gewoonweg iets aan de openbaarheid van bestuur? Test-Aankoop voelt zich als verdediger van de consument in ieder geval tekort gedaan: “We willen dat er informatie over de kwaliteit van zorg voor de consument toegankelijk gemaakt wordt per ziekenhuis”, vertelt Martine Van Hecke. “De burger moet de instrumenten krijgen om met kennis van zaken zijn ziekenhuis te kiezen. Mensen moeten weten welk ziekenhuis waar goed in is en waar ze tekort doet. Deze twee casussen zijn ingebed in het belang voor de consument binnen de gezondheidszorg. Via deze procedures willen we het belang van transparantie voor de consument binnen de gezondheidszorg benadrukken, en vragen we ook meer transparantie en actieve openbaarheid van de overheid. Die is ondermaats en daar moet ze iets aan doen”, aldus Van Hecke

Geen procedures ten gronde

Om transparantie van bestuursdocumenten te garanderen bestaat er sinds 1994 een Wet op Openbaarheid van Bestuur. Die stelt dat iedere burger het recht heeft elk bestuursdocument te raadplegen en er een afschrift van te krijgen, behoudens specifieke uitzonderingen. Wanneer een overheidsinstantie de burger geen inzage wil verlenen in een bepaald bestuursdocument kan de burger verdere stappen ondernemen. Toch is hier volgens Test-Aankoop verbetering aan de orde. “Er zijn geen procedures ten gronde”, zegt Martine Van Hecke. “Zo kan je beroep doen op een commissie openbaarheid van bestuur. Die commissie weegt argumenten van beide partijen af en geeft een al dan niet positief advies over de vraag tot inzage van bestuursdocumenten. Maar aangezien de commissie slechts een adviserende bevoegdheid heeft, kan de bevoegde overheidsinstantie bij een positief advies van de commissie nog beslissen om geen inzage te verlenen”, zegt Van Hecke. 

De enige stap die je dan nog kan zetten is de Raad van State. “En zelf daar is de procedure niet ok”, vervolgt Van Hecke. Die procedure duurt enorm lang en de overheid kan oneindig nieuwe uitzonderingsgronden inroepen. De drempel om een proces aan te spannen is voor de gewone burger dan ook zeer hoog. Ik denk dat het belangrijk is dat er procedures ten gronde worden gevoerd. Zo vermijd je dat men ontelbare keren kan verder procederen. In het dossier van de ziekenhuisinfecties had de beroepscommissie milieu-informatie een redenering uitgewerkt. Wij moesten aan de Raad van State gaan aantonen dat die redenering manifest onjuist was. Dat is vechten met ongelijke wapens. Men maakt het burgers die op zoek zijn naar informatie bijzonder moeilijk zo.”

“Procedures aanspannen vergt ook enorm veel tijd en energie. Je weet niet altijd bij welke instantie je moet aankloppen om documenten op te vragen. Het is allemaal zo versnipperd. Tot wie hoort welke bevoegdheid? Is het een Vlaamse, Waalse, federale of gemeentelijke verantwoordelijkheid? De regelgeving op de verschillende niveaus is bovendien niet eens dezelfde. Je moet aan de wetgeving uitgeraken.”

Loze beloftes

“Ik ben echt onder de indruk van de weerstand tegen transparantie van het Ministerie van Volksgezondheid. Het is ronduit shockerend. Bij het dossier van de ombudsrapporten had de overheid op voorhand al een antwoord klaar. Ze wilden enkel de anonieme gegevens beschikbaar stellen. Daar is Test-Aankoop uiteraard niets mee.”

“Wat ik bovendien ook schrijnend vind is dat de overheid beloftes doet die ze niet nakomt. Hoewel de Commissie voor milieu-informatie had geoordeeld dat de gegevens niet openbaar gemaakt mochten worden, stond er wel heel duidelijk in hun advies dat de overheid de kwaliteit van de gegevens moet verbeteren opdat hun excuus van slechte kwaliteit niet meer ingeroepen kon worden. De commissie deelde dus wel de mening dat de openbaarmaking van gegevens van publiek belang is, maar dat de kwaliteit ervan eerst verbeterd moest worden. De overheid stuurde als reactie daarop een brief waarin stond dat ze gingen werken aan een transparanter systeem maar dat dit in overleg moest gebeuren met alle betrokken stakeholders. Wij hebben in een brief geantwoord dat we dit goed vinden en een planning opgevraagd. Maar wij zijn niet uitgenodigd geweest, terwijl we toch betrokken partij zijn”, zegt Van Hecke verontwaardigd.

“Ook in het dossier van de ombudsdiensten sprak Christiaan Decoster, de Directeur-Generaal van FOD Volksgezondheid in de pers over een werkgroep transparantie waarop Test-Aankoop uitgenodigd zou worden, maar ik heb geen uitnodiging gezien. Er worden beloftes publiek gemaakt waardoor de onschuldige lezer misschien denkt dat de overheid er iets aan doet, maar eigenlijk is dat de facto nul. Dat is toch wel echt erg. We leven in een democratie en we betalen de overheid en onze gezondheidszorg. Dan lijkt het me logisch dat we ook inzage krijgen in gerelateerde overheidsdocumenten. Dat is gewoon een fundamenteel recht van de burger.”

Lange termijn

“Ik ga niet ontkennen dat er soms risico’s verbonden kunnen zijn aan openbaarheid. Er is zelden iets eenduidig positief. Maar vaak leggen de instanties in hun afweging van de argumenten nog te veel de nadruk op wat er mogelijk negatief zou kunnen gebeuren en is er te weinig aandacht voor de positieve effecten van openbaarheid. Het beschikbaar stellen van informatie verbetert de kwaliteit, want je krijgt concurrentie. Ook studies tonen dit aan. Momenteel zijn we bezig met een procedure om inspectieresultaten bij het FAVV (Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen) op te vragen in de horeca om zo de hygiëne te toetsen. In Denemarken bestaat hierover reeds actieve openbaarheid. Iedere zaak die het goed doet, krijgt een smiley. En wat zie je? Bij de start in 2002 scoorde 70 procent van de gecontroleerde zaken positief. Bijna tien jaar later, in 2010 gaat dit over 87 procent. Openbaarheid van Bestuur creëert gewoon kwaliteit. 

Een procedure aanspannen omdat we geen inzage krijgen is omwille van de tijdsinvesterende procedure geen manier om de informatie in het kader van een onderzoek alsnog op tijd te krijgen. Maar we blijven hierop doorhameren, omdat we denken aan de lange termijn. Ik hoop dat dit stimulansen biedt om naar actieve transparantie te evolueren En ik heb wel de indruk dat er iets aan het bewegen is. Mensen nemen standpunten in, er wordt over het probleem gesproken. Het debat is alvast transparanter.”

 

(Wim Van Roy en Lisa Schouppe)

Dit interview verscheen in het juninummer van TerZake Magazine 2012.

Lees ook