Voorwaarden

Een volksraadpleging moet gaan over een gemeentelijke bevoegdheid . Al worden nog een aantal kwesties uitgesloten: vragen over persoonlijke aangelegenheden en over de rekeningen, de gemeentebelastingen, de retributies, het meerjarenplan, en het budget kunnen nooit het voorwerp zijn van een raadpleging Elke vraag moet te beantwoorden zijn met een ja of neen. Het exact formuleren van de voorgelegde vraag is de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad. Een maand voor de raadpleging verspreidt de gemeente een informatiebrochure met daarin een objectief beeld van de problematiek, de standpunten van voor- en tegenstanders en de exacte vraag zoals die tijdens de volksraadpleging zal gesteld worden.
 
Alle inwoners, ouder dan 16 jaar, kunnen een verzoek indienen én deelnemen aan de raadpleging. De deelname is niet verplicht, maar een minimale opkomst is vereist. Blijft de opkomst onder de minimum, dan worden de stemmen niet geteld. De uitslag van de volksraadpleging is niet bindend. De gemeenteraad kan de uitslag dus naast zich neerleggen. 
 
Een volksraadpleging op initiatief van de bevolking moet ondersteund worden door minstens:

  • 20% van de inwoners in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners;
  • 3.000 inwoners in gemeenten tussen 15.000 en 30.000 inwoners;
  • 10%  van de inwoners in gemeenten met meer dan 30.000 inwoners.

De minimale opkomst bedraagt een zelfde aantal inwoners.

Bekijk in bijlage het stappenplan om een volksraadpleging op te zetten in jouw gemeente.

Lees ook